WRL loopt voorop in het verkennen van zogeheten bronmaatregelen: ingrepen hoger in het landschap die water al vasthouden voordat het problemen veroorzaakt in de dalen. Denk bijvoorbeeld aan contourgreppels of graften, die de afstroming van water vertragen en ervoor zorgen dat het beter in de bodem kan trekken.
“Juist die maatregelen grijpen in op de oppervlakte-afstroming,” legt Hakvoort uit. “Dat is een belangrijke oorzaak van wateroverlast in steile stroomgebieden.”
En daar zit precies de uitdaging. Dit soort maatregelen zijn vaak kleinschalig en verspreid over een groot gebied. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een waterbergingsgebied, dat op één plek ligt, moet je hier het hele landschap in detail meenemen. Dat vraagt om modellen die het gebied opdelen in kleine stukjes en voor elk stukje berekenen wat het water doet.
Daarom wordt er samengewerkt met onderzoekers, van Wageningen University & Research en van de Universiteit Twente, om meer inzicht te krijgen in bijvoorbeeld bodemsoorten en hoe makkelijk water door de bodem kan bewegen. “Door beter te begrijpen hoe water over en door de bodem stroomt, kunnen we onze modellen ook weer verbeteren,” legt Poort uit.