Juist omdat water zich niets aantrekt van gemeentegrenzen, is samenwerking tussen overheden essentieel. Dat vraagt veel afstemming, omdat iedere organisatie eigen taken, belangen en manieren van werken heeft. “Tegelijkertijd zien we dat iedereen hetzelfde doel voor ogen heeft,” zegt Ivanova. “Juist doordat verschillende organisaties hun kennis en ervaring inbrengen, ontstaan betere oplossingen. Dat kost soms tijd, maar levert uiteindelijk veel op.”
Volgens Ivanova vraagt die manier van werken ook om geduld en vertrouwen tussen de verschillende overheidsorganisaties. “Niet iedere maatregel heeft direct zichtbaar resultaat,” zegt ze. “Juist daarom is het belangrijk dat we blijven kijken naar wat op de lange termijn het beste werkt voor de hele regio.”
Die brede blik is ook zichtbaar in de manier waarop WRL naar stroomgebieden kijkt. Binnen het programma wordt gewerkt van bron tot monding, waarbij ook gebieden in België en Duitsland worden betrokken. Dat is bijvoorbeeld belangrijk voor de stroomgebieden van de Geul en de Roer.
Tijdens de overstromingen van 2021 hielpen Duitse stuwmeren in de Roer om water gecontroleerd af te voeren, waardoor Limburg beter beschermd bleef. “Daar zie je direct hoeveel impact het buitenland heeft op een grensprovincie als Limburg,” zegt Ivanova. “We zijn afhankelijk van maatregelen over de grens.” Inmiddels lopen er gezamenlijke studies met Belgische partners en worden over de grens gezamenlijk maatregelen voorbereid en uitgevoerd.
Volgens Michael Theuns laat de samenwerking zien dat waterveiligheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid is. “Geen enkele organisatie of overheid kan dit alleen,” zegt hij. “Juist door kennis, middelen en maatregelen op elkaar af te stemmen, kunnen we echt verschil maken.”